Leer je kind snoepen met verstand

Leer je kind snoepen met verstand

Tips voor het hele gezin
Wat mag er in de brooddoos?
Vraag het aan de expert
Profiel van de expert

 

 

a. Tips voor het hele gezin

Kinderen grijpen spontaan naar vetrijke en zoete voeding. Dit geeft hen namelijk energie en plezier. Maar verstandig snoepen is net zo lekker. En je kunt het je kinderen aanleren.

De volgende 10 tips kunnen je daarbij helpen :

  1. Geen ruzie maken om snoep
  2. Verminder de zin in zoet
  3. De juiste maat houden
  4. Evenwichtige voeding nastreven
  5. Zelfbeheersing aanleren in plaats van verbieden
  6. Moedig je kind aan te bewegen
  7. Duidelijke grenzen trekken en afspraken maken
  8. Laat je kind zelf bepalen hoeveel het snoept
  9. Regels en maten bepalen
  10. Bewust leren genieten

Tip 1 - Geen ruzie maken om snoep

We hebben allemaal een aangeboren drang om te snoepen. Al in de baarmoeder leert een ongeboren kind de zoete smaak van het vruchtwater kennen. Daarom houden kinderen zo van zoet en willen ze graag snoepen.
Maak er daarom geen conflictsituatie van binnen het gezin: de behoefte aan zoetigheid is normaal en natuurlijk. Zoek dus een gezonde maat waarbij je je goed voelt.
Geef snoep nooit als beloning of neem het niet af als straf, want zo wordt het belangrijker dan het is. Je kind leert dan voor de rest van zijn leven: als ik mezelf wil belonen of wil verwennen, dan is zoet het beste en meest waardevolle. Zo kan snoepzucht of zelfs een snoepverslaving ontstaan.

Tip 2 - Verminder de zin in zoet

Kinderen die veel bewegen door te spelen, sporten, fietsen enz. verbruiken ook behoorlijk wat energie. Die energie moet vooral uit suikers komen. Zo is ons lichaam nu éénmaal gemaakt. Suikers geven snelle energie, ze geven je ook een goed gevoel. Als de suikerspiegel in ons bloed zakt krijgen we automatisch zin in zoet. Die drang weerstaan is eigenlijk ingaan tegen onze natuurlijke behoefte. Om aan die behoefte te voldoen is een stuk fruit of een boterham een goede oplossing. Maar als de nood hoog is, houden zeker kinderen weinig rekening met wat goed en minder goed is. Voorkom die momenten door naast snoep een gezond dagmenu te voorzien met voldoende energie. Geef kinderen ook liever een snoepje voor ze naar de sportclub gaan dan erna.

Tip 3 - De juiste maat houden

Zoals bij veel dingen in de opvoeding (tv-kijken, computeren enz.) is ook snoepen een kwestie van maat houden. Zichzelf en je kinderen eens een pleziertje gunnen, daar is niets mis mee. Op voorwaarde dat de hoeveelheden gerespecteerd worden natuurlijk. Snoepgoed kan passen in een evenwichtige voeding, zolang het niet meer dan 10% van de dagelijkse energieopname vertegenwoordigt. Lees hier meer over de 10%-regel.

Tip 4 - Evenwichtige voeding nastreven

Het is belangrijk om het eten van zoetigheden te combineren met fruit, groenten, volkorenproducten, vis en vlees, en natuurlijk ook met veel lichaamsbeweging.
Voor wie veel groenten en fruit eet in plaats van hamburgers en friet en voor wie dagelijks druk in de weer is en aan sport doet, zijn chocoladerepen en gombeertjes een bron van energie.

Tip 5 - Zelfbeheersing aanleren in plaats van verbieden

Het is belangrijk om te beseffen hoeveel macht je uitoefent en hoezeer je in de persoonlijkheid en intimiteit van je kind ingrijpt met strikte regels of zelfs een verbod op zoetigheid. Beeld je maar eens in dat iemand voor jou zou bepalen hoeveel koffie, wijn, bier of mineraalwater je mag drinken en wanneer je dat mag doen of hoeveel koekjes of chocolade je mag eten!
Eten is, in welke vorm ook, een basisbehoefte en basisbehoeften moet ieder voor zich kunnen regelen, ook als hij of zij het nog moet leren. Het spreekt evenwel voor zich dat kinderen daarbij raad en begeleiding van de ouders nodig hebben, maar iets autoritair opleggen, verplichten of verbieden mist meestal zijn doel.
En vergeet niet dat je kind je in het oog houdt! Kinderen leren namelijk door te imiteren. Ze nemen een voorbeeld aan je eigen eetgewoonten. Dat geldt ook voor hoeveel je beweegt. Geef dus het goede voorbeeld.

Tip 6 - Moedig je kind aan te bewegen

Veel bewegen is essentieel om energie te verbruiken. Hoe meer kinderen bewegen, hoe meer energie ze verbruiken. Regelmatig bewegen geeft kinderen een goed gevoel en bevordert hun gezondheid. Moedig je kind dus aan regelmatig te bewegen. Een kind zou elke dag ongeveer een halfuur moeten fietsen of een uurtje moeten stappen. Deze beweging kan het best verdeeld worden over de hele dag. Leer hen doseren.

Tip 7 - Duidelijke grenzen trekken en afspraken maken

Deze situatie herken je ongetwijfeld. Bij het aanschuiven aan de kassa in de supermarkt krijgen kinderen zin in snoep en laten dat met veel lawaai merken. Hier helpen duidelijke grenzen en vaste afspraken.
Een goede raad: voordat je de volgende keer naar de supermarkt gaat, spreek je best vooraf met je kinderen af wat ze in de supermarkt mogen uitkiezen. Zo kijken ze al tijdens het winkelen uit naar lekkere dingen en weten ze dat ze die ook zonder zeuren krijgen. Als je zelf met een lege maag de supermarkt binnenstapt, koop je meestal meer dan nodig is. Zorg dan ook dat je kind niet met hongerige ogen al dat lekkers moet weerstaan.

Tip 8 - Laat je kind zelf bepalen hoeveel het snoept

Als kinderen zelf snoep mogen nemen uit een snoeplade die altijd gevuld is, gaan ze gewoonlijk minder snoepen. En ook op school of bij hun vriendjes zullen ze minder om snoep vragen. Er zal nu eens meer, dan weer minder en soms helemaal niet worden gesnoept. Elk gezin moet hierin een eigen regeling vinden.

Tip 9 - Regels en maten bepalen

Hoe meer snoepregels er zijn, hoe belangrijker de plaats wordt die snoep inneemt. Het snoepgedrag zal dan ook moeilijker in de hand te houden zijn.
Dankzij vaste gewoonten leren kinderen af om hun eigen natuurlijke behoeften te voelen en te sturen. Als de maaltijd bijvoorbeeld regelmatig met zoet wordt afgesloten, weet het kind niet meer of het dat wel echt wil.
Er is één uitzondering: kinderen met overgewicht. Ook hen kun je snoep niet ontzeggen, maar hier moet je wel bepaalde regels en grenzen in acht nemen die met het kind zijn afgesproken. Snoepen is maar in uiterst zeldzame gevallen de oorzaak van overgewicht. Bijna altijd ligt een ander probleem aan de basis.

Tip 10 - Bewust leren genieten

Kinderen kun je leren om bewust te genieten. Hoe? Dat is heel eenvoudig: chocolade snijd je in kleine stukjes, beertjes geef je per stuk en niet in een hoopje. Zo wordt het smaakplezier aangewakkerd.
Wie niet kan genieten, wordt ongenietbaar.

b. Wat mag er in de brooddoos?

Voor je de brooddoos gaat samenstellen moet je weten waarvoor en hoe deze brooddoos gebruikt wordt. Hoeveel tijd krijgt je kind in de refter? Hoeveel eet- en drinkmomenten zijn er nog naast deze middagmaaltijd? Hoe lang moet deze brooddoos meegaan? Tot 16u of ook nog tijdens de naschoolse opvang?

Het is gemakkelijk om een lekker gezonde brooddoos te maken met groenten, fruit, boterhammen en een melkproduct. Alleen krijgen de meeste kinderen dit niet allemaal op en krijgen ze er ook niet genoeg tijd voor.

In dat geval vul je de brooddoos best met volwaardige en vooral hongerstillende voedingsmiddelen.

Wat moet erin?

Brood

In een brooddoos zitten boterhammen. De voorkeur gaat natuurlijk uit naar bruin of volkorenbrood. Maar vooral afwisseling is belangrijk. Met uitzondering van sandwiches kunnen eigenlijk alle soorten brood in de brooddoos. Hebben je kinderen echt moeite met bruin brood, leg dan een witte en bruine broodsnede op elkaar.

Wissel af tussen:

  1. Bruin stokbrood
  2. Bruin brood
  3. Volkoren brood
  4. Pittabrood
  5. Notenbrood
  6. Ciabatta
  7. Foccacia

Beleg

Er mag gerust een dun laagje smeervet op de boterhammen, maar dit is niet absoluut noodzakelijk. Laat je kind mee beslissen. Vetten kun je het beste beperken tijdens het middagmaal. Vetten vertragen immers de vertering en geven een loom gevoel. Je kinderen moeten nog een hele namiddag aandachtig kunnen zijn. Afwisseling is de boodschap. Kies dus voor gezonde dingen die je kind ook lekker vindt. Beleg het brood voldoende maar niet te dik. Tussen 2 boterhammen mag ongeveer 20g hartig beleg (= 1 snede kippenwit) of 10g zoet beleg (= 1 afgestreken eetlepel).

  1. Mager hartig vleesbeleg (vb. ham, kip, rundvlees, kalfsvlees, enz., vermijd al te vaak worstsoorten).
  2. Hartig visbeleg (vb. garnalen, haring, zalm, makreel, krab, enz., maar dan liefst niet gemengd met mayonaise)
  3. Kaas. Kaas is gezond maar overdaad schaadt. Beperk het kaasbeleg tot 1 snede per dag en kies voor magere harde kazen of magere smeerkaas, platte kaas enz.
  4. Groenten en peulvruchten kunnen ook als beleg worden gebruikt. Naast het klassieke blaadje sla en de snede tomaat bestaan er ook pasta’s van kikkererwten, groentemengsels, enz. Let ook hier op of er niet te veel vet is toegevoegd.
  5. Fruit is misschien niet zo’n klassiek broodbeleg, maar een boterham met banaan en een ciabatta met appelschijfjes en kaneel zijn vaak een echte lekkernij voor je kinderen.
  6. Zoet beleg kan ook best eens. Jam bevat veel suiker, choco ook. Daarenboven bevat choco ook nog vet. Actieve kinderen kunnen die suikers wel gebruiken. Let echter op met de combinatie van suiker en vet. Vet is veel moeilijker te verbranden dan energie en verlaagt de concentratie.

Groenten

Groenten zijn onmisbaar in de brooddoos. Denk nu niet meteen dat je elke ochtend een uitgebreide rauwkostschotel moet maken. Het gaat erom dat kinderen leren dat groenten een vast onderdeel zijn van het middagmaal. Kies voor hapklare porties op maat van de leeftijd van je kind. Verpak de groenten eventueel afzonderlijk in folie voor je ze in de brooddoos stopt.

  1. Enkele kerstomaatjes
  2. Hapklare wortelreepjes
  3. Komkommerschijfjes
  4. Een stukje rabarber
  5. Hapklare portie in blik of glas
  6. Sla tussen de boterham
  7. Selderstokjes
  8. Enkele rauwe bloemkoolroosjes
  9. Paprikareepjes
  10. Enkele asperges uit blik of glas
  11. Enkele radijsjes

Drank

Meestal krijgen je kinderen drank op school. Bij een middagmaal hoort water. Een glas melk kan ook, maar remt de eetlust. Vruchtensappen horen hier eigenlijk niet thuis. Kinderen kunnen beter een stuk fruit eten. Zo hebben ze naast de suiker ook de vezels en vitaminen uit het fruit binnen. Wist je dat een glas ongezoet appelsap ongeveer evenveel suiker bevat als een glas frisdrank?

Wat mag erin?

Fruit

Heeft je kind wat meer tijd, dan kan fruit als dessert in de brooddoos. Kies voor vers fruit of fruit op water uit blik. Kant-en-klare fruitmoes of fruithapjes met siroop zijn best lekker, maar horen thuis in de restgroep van de voedingsdriehoek. Ze bevatten veel suiker en slechts een beperkte hoeveelheid vitaminen en vezels. Kinderen zullen deze suiker wel verbranden, maar moeten leren een onderscheid te maken tussen gezonde voeding en snoepen. Een potje fruitmoes bevat immers evenveel kcal als een bolletje roomijs.

Melkdessert

Als extraatje kan ook een melkdessert in de brooddoos. Let er wel op dat je kinderen niet enkel gaan voor die lekkere pudding of fruityoghurt en hun boterhammen laten liggen. Kies voor magere of halfvolle melkproducten zoals fruityoghurt, plattekaas, pudding, enz. , maar vermijd te vette en suikerrijke producten zoals drinkyoghurt, chocoladepap, enz. Net als bij het fruit moeten kinderen ook hier het onderscheid leren maken. Een chocoladepudding past perfect in de voedingsdriehoek, maar mag niet als standaard gezonde voeding worden gezien.

Snoep

Verstop een snoepje onderaan in de brooddoos als verrassing. Doe dit niet elke dag, zo blijft het spannend. Een zoet afsluitertje zoals een stukje chocolade of een beertje kunnen in de brooddoos. Zelfs al eet je kind eerst het snoepje en dan pas de boterhammen. Zo’n klein snoepje kan immers nooit de middaghonger stillen.

Beter te veel dan te weinig?

Als goede ouder willen we niet dat ons kind met honger van tafel gaat. Maar een overladen brooddoos doet meer kwaad dan goed. Laat je kinderen zelf beslissen hoeveel ze willen meenemen, al mag je wel wat bijsturen. Door de brooddoos te overladen verplicht je je kind om ook alles in één keer op te eten. Voorzie een stuk fruit of melkdessert dan ook eerder als tussendoortje.

c. Vraag het aan de expert

Voedingsdeskundige Tanja Callewaert antwoordt op jouw vragen over snoepen. Wat doe ik als mijn kind stiekem snoept? Welk tussendoortje is goed? Wat mag er in de brooddoos?

Hieronder deze en nog veel meer vragen die ouders bezighouden.

Vraag 1: Wat kan ik mijn dochtertje van zes ’s morgens meegeven naar school?

» Antwoord lezen

Vraag 2: Ik geef mijn zoontjes (3 en 5 jaar) zo weinig mogelijk snoep en zo veel mogelijk fruit. Maar nu las ik dat fruit slecht is voor het gebit. Wat kan ik doen om de tanden van mijn kinderen gezond te houden?

» Antwoord lezen

Vraag 3: Hoe reageer je het beste als thuis alles met mate wordt gedaan, maar je kind bij de familie met chocolade wordt overladen? Afnemen en stukje bij beetje teruggeven zorgt alleen maar voor traantjes. Hartelijk dank voor uw goede raad!

» Antwoord lezen

Vraag 4: Mijn jongens (7 en 9 jaar) krijgen maar af en toe een snoepje, maar hun papa snoept de hele tijd. Natuurlijk gaan ze daar niet mee akkoord. Hoe kan ik hen het beste overtuigen?

» Antwoord lezen

Vraag 5: Mijn zonen van 7 en 10 jaar snoepen allebei graag. Mijn oudste zoon mag eigenlijk wel wat meer snoepen, maar daar is de jongste het niet mee eens. Heeft u een oplossing?

» Antwoord lezen

Vraag 6: Ik geef mijn kinderen (4 en 6 jaar) maximaal twee stukjes snoep per dag, zodat ze niet te veel snoepen. Nu vragen ze steeds vaker om meer snoep en komt er wel eens ruzie van. Hoe kan ik dit vermijden?

» Antwoord lezen

Vraag 7: Ik heb een zoon van 8 jaar. Hoeveel mag hij eigenlijk snoepen?

» Antwoord lezen

Vraag 8: Ik gun mijn dochtertjes (3 en 8 jaar) af en toe wat chocolade, maar zou ik hier niet beter mee stoppen? Is een snoepverbod zinvol?

» Antwoord lezen

Vraag 9: Ik heb drie kinderen: 17, 9 en 2 jaar oud. Hoe zorg ik ervoor dat mijn jongste niet begint te snoepen, terwijl de twee anderen dat wel mogen?

» Antwoord lezen

Vraag 10: Bij ons thuis blijft het snoepen beperkt. Mijn zoon (11 jaar) heeft hier een oplossing voor gevonden. Hij spendeert bijna al zijn zakgeld aan snoep en eet nauwelijks nog een gezonde maaltijd. Het is zijn zakgeld, dus hij mag er mee doen wat hij wil. Hoe moet ik hem echter gezonder laten eten?

» Antwoord lezen

 


 

Vraag 1: Wat kan ik mijn dochtertje van zes ’s morgens meegeven naar school?

Antwoord
Tanja Callewaert: Het beste geeft u uw dochter een goed gevulde brooddoos mee, (zie rubriek “wat mag er in de brooddoos”). Laat haar verder zelf kiezen welke tussendoortjes ze graag wil. Dit mag wel eens een lekker snoepje of chocoladereep zijn. Maar wissel af met een stuk peperkoek, een stuk fruit, wat kerstomaatjes, enz. Veel kinderen nemen twee tussendoortjes mee naar school. Een goed idee is om beiden (zowel ouder als kind) evenveel beslissingsvermogen te geven. Het kind kiest één tussendoortje en de ouder kiest het andere. Als kinderen zelf mogen kiezen, wordt snoep minder interessant, omdat het niets "verbodens” meer heeft.

Vraag 2: Ik geef mijn zoontjes (3 en 5 jaar) zo weinig mogelijk snoep en zo veel mogelijk fruit. Maar nu las ik dat fruit slecht is voor het gebit. Wat kan ik doen om de tanden van mijn kinderen gezond te houden?

Antwoord
Tanja Callewaert: Gistende koolhydraten leveren in de mondholte voedingsstoffen voor allerlei bacteriën. Bijna alle producten bevatten koolhydraten. Denk maar aan brood, aardappelen, fruit en pasta. U kunt ze niet uit de dagelijkse voeding bannen. Om tandbederf te voorkomen moet u erop letten dat uw kinderen minstens tweemaal per dag hun tanden poetsen. Ze gebruiken bij voorkeur ook regelmatig een fluorhoudende tandpasta om het tandglazuur te versterken.

Vraag 3: Hoe reageer je het beste als thuis alles met mate wordt gedaan, maar je kind bij de familie met chocolade wordt overladen? Afnemen en stukje bij beetje geven zorgt alleen maar voor traantjes.

Antwoord
Tanja Callewaert: De beste manier is om maat te houden bij die "zoete geschenkjes". Laat tantes, oma's en vrienden vriendelijk weten dat u de voorkeur geeft aan kleinere porties. Als dat niets uithaalt, doet u er goed aan hierover ook eens met uw kind te praten. U kunt een deel van de chocolade opzij zetten om warme chocolademelk te maken, of om mee te nemen naar school tussen de boterhammetjes. Dit zijn manieren om de grotere porties zonder al te veel tranen in kleinere te verdelen.

Vraag 4: Mijn jongens (7 en 9 jaar) krijgen maar af en toe een snoepje, maar hun papa snoept de hele tijd. Natuurlijk gaan ze daar niet mee akkoord. Hoe kan ik hen het beste overtuigen?

Antwoord
Tanja Callewaert: Uit ervaring weten we dat het onmogelijk is een kind iets te verbieden of te onthouden waar een ander gezinslid wél recht op heeft. Daarom raad ik u aan er eens met uw man over te praten. Kinderen leren door te imiteren. Als uw man minder gaat snoepen, zullen zij dat ook doen. Zorg ’s middags of ’s avonds eens voor een alternatief door een mengeling van groenten of fruit op tafel te zetten. Misschien kan uw man zijn snoepdrang beperken zolang de kinderen in de buurt zijn.

Vraag 5: Mijn zonen van 7 en 10 jaar snoepen allebei graag. Mijn oudste zoon mag eigenlijk wel wat meer snoepen, maar daar is de jongste het niet mee eens. Hebt u een oplossing?

Antwoord
Tanja Callewaert: In dit geval is het raadzaam om beide kinderen evenveel snoep toe te staan. Het leeftijdsverschil van drie jaar is alleszins geen reden om hen een verschillende hoeveelheid snoep te geven.

Vraag 6: Ik geef mijn kinderen (4 en 6 jaar) maximaal twee stukjes snoep per dag, zodat ze niet te veel snoepen. Nu vragen ze steeds vaker om meer snoep en komt er wel eens ruzie van. Hoe kan ik dit vermijden?

Antwoord
Tanja Callewaert: Regelmatige maaltijden en een voeding met veel afwisseling zijn erg belangrijk. Kinderen snoepen ook beter niet wanneer ze honger hebben. Snoep kan bijvoorbeeld wel een uurtje na de maaltijd. Als er in de loop van de dag al genoeg werd gesnoept, kunnen ook fruit of fruityoghurt de "snoephonger" stillen. U kunt snoep ook met andere dingen combineren. Een satéstokje met stukjes fruit en daartussen gummibeertjes kan wonderen doen. Geef een stukje chocolade als broodbeleg, zo is de maag gevuld en de drang naar zoet minder.

Vraag 7: Ik heb een zoon van 8 jaar. Hoeveel mag hij eigenlijk snoepen?

Antwoord
Tanja Callewaert: Een kind van 7 tot 9 jaar oud heeft een totale energiebehoefte van ongeveer 1.800 kcal/dag.
Volgens de 10%-regel kunnen dus ongeveer 180 kcal worden "opgesnoept".

Kinderen van 7 tot 9 jaar kunnen hun dagelijks snoeprantsoen (ongeveer 180 kcal) bijvoorbeeld als volgt samenstellen:

1 mini Mars + 1 mini Snickers
of  
5 boterkoekjes + 1 tl jam + 3 fruitsnoepjes
of  
1 mini Bounty + 2 boterkoekjes

Vraag 8: Ik gun mijn dochtertjes (3 en 8 jaar) af en toe wat chocolade, maar zou ik hier niet beter mee stoppen?

Antwoord
Tanja Callewaert: Wat verboden is, heeft voor kinderen een enorme aantrekkingskracht. Als u snoep helemaal verbiedt, zal de behoefte eraan toenemen. Telkens als uw kind de kans ziet om uw verbod te omzeilen, zal het dat zeker doen. Een goede maat houden zoals u nu doet is het beste.

Vraag 9: Ik heb drie kinderen: 17, 9 en 2 jaar oud. Hoe zorg ik ervoor dat mijn jongste niet begint te snoepen, terwijl de twee anderen dat wel mogen?

Antwoord
Tanja Callewaert: De oudste kinderen stiekem laten snoepen is geen oplossing. Voedingsdeskundigen raden aan om maximaal 10% van de dagelijkse energiebehoefte te besteden aan de restgroep. Een kind van 2 jaar verbruikt ongeveer 1200 Kcal per dag wat wil zeggen dat het in principe voor 120 kcal mag opsnoepen. Het is niet de bedoeling zulke jonge kinderen snoep op te dringen. Maar vermijden dat een kind snoept is haast onmogelijk.

Vraag 10: Bij ons thuis blijft het snoepen beperkt. Mijn zoon (11 jaar) heeft hier een oplossing voor gevonden. Hij spendeert bijna al zijn zakgeld aan snoep en eet nauwelijks nog een gezonde maaltijd. Het is zijn zakgeld, dus hij mag er mee doen wat hij wil. Hoe moet ik hem echter gezonder laten eten?

Antwoord
Tanja Callewaert: Praat eens rustig met uw zoon over zijn gedrag. Maak hem duidelijk dat stiekem snoepen voor u een misbruik van vertrouwen betekent en dat u daardoor erg ontgoocheld bent. Spreek met hem af hoeveel zakgeld hij aan snoep mag spenderen. Als dat niet helpt, is dat een duidelijk teken dat uw zoon over te veel geld beschikt en hier niet mee kan omgaan. In dat geval kunt u met hem afspreken dat hij een deel van zijn zakgeld voortaan niet meer in handen krijgt om uit te geven. U zet dit deel dan op een spaarrekening, zodat het later voor grote aankopen beschikbaar is.

Profiel van de expert

Experte Tanja Callewaert is een erkend diëtiste en lid van de Commissie voor zelfstandige diëtisten. Ze heeft 12 jaar professionele ervaring op het gebied van dieetleer, evenwichtige voeding voor kinderen en sportvoeding. Ze behaalde ook verschillende specialisaties in deze domeinen. Naast het runnen van haar privépraktijk, werkt ze nauw samen met diverse artsen en sportcentra. Verder is Tanja Callewaert actief als docent en gastspreker waarbij ze voorlichting geeft over een evenwichtig en gezond voedingspatroon voor onder andere KVLV, vzw Thuishulp (De Voorzorg) en Thuiszorg Vleminckveld. Als expert in haar vakgebied adviseert Tanja Callewaert ook bedrijven in de ontwikkeling en communicatie van voedingsmiddelen.

Wil je graag persoonlijk contact opnemen met Tanja Callewaert, surf dan naar www.dieethuis.be

Terug